Geschiedenis

1940 – 1950

In het diepste geheim begon op zondag 25 mei 1941 in café Louis Scholl aan de Brunssummerstraat de geschiedenis van de R.K. Schinveldse Voetbalvereniging Olympia. Tijdens de oprichtingsvergadering waren 51 personen aanwezig. Zij kozen toen het voorlopige hoofdbestuur, bestaande uit de volgende personen:
Wim Nelissen (algemeen voorzitter),
Frans Reijnders (secretaris/penningmeester),
Johan Valkenberg (voorzitter afdeling voetbal),
Jos Cremers (voorzitter afdeling gymnastiek) en
Wim Achten.
Geestelijk adviseur was kapelaan Jos Schrijnemakers.

Er werd gestart met drie afdelingen, te weten voetbal, gymnastiek en atletiek.
De afdeling atletiek was echter geen lang leven beschoren. Het ontbreken van materialen was hier debet aan.

Na de oprichting in de beginjaren van Olympia, was er slechts één A-elftal dat sporadisch in actie kwam.
Het bestond uit de volgende spelers:
S. Valkenberg, A. Severens, F. Pagen, M. Mevis, S. Geraets, A. Jacobs, A. Hanssen, W. Valkenberg, A. Zillen, W. Plasier, S. v. Nuys, M. Mevis, P. Beumers, M. Dörenberg.
Jeugdleider: W. Meeuwissen.

Reeds in het jaar van oprichting behaalden onze voetballers hun eerste kampioenschap, dat echter geen directe promotie tot gevolg had.
Ook het daarop werd ons 1e elftal kampioen en promoveerde prompt naar de 1e klas van de toenmalige N.V.B. Afdeling Limburg.
Kennelijk had men nu de smaak te pakken want in 1946 promoveerde Olympia naar het Walhalla van de voetbalsport, de K.N.V.B.

In 1943 werd al gestart met een B-elftal, ook zij trad sporadisch op vanwege de oorlog. De afdeling jeugd groeide fors.

Na de oorlog in 1945 werd Schinveld voor de sport weer levensvatbaar. Op 23 mei 1946 werd een officiële jeugdafdeling opgericht, aanvankelijk onder voorzitterschap van dhr. W. Nelissen a.i. maar nadien met dhr. W. Mevissen als eerste officiële voorzitter.
In de beginperiode waren er zo’n 20 jeugdvoetballers.
In het seizoen 1946/’47 eindigde het A-team in de comnpetitie op de derde plaats.
Het waren:
in doel: Zef Severens,
achter: J. Valkenberg, J. Driessen, Hub Hanssen,
midden: Alb. Camps, J. Valkenberg, Jup Sloen, Sjef Janssen,
voor: J. Valkenberg, Guus Herings, Giel Vaessen, Joh. Slopen, Jup v/d Berg.
Het B-elftal eindigde in de onderste helft.

In 1947 telde Olympia 2 seniorenelftallen en 3 jeugdelftallen.

In het seizoen 1947/’48 werd voor de eerste maal deel genomen aan de “Bisschopsbeker”.
Het A-team verloor de eerste wedstrijd met 1-0 van Mariarade. Het B met 5-0 van Sportclub Emma.
Tevens werd voor de eerste maal met een C-elftal aan de competitie deelgenomen.

In 1949 ging ook de afdeling gymnastiek een zelfstandig leven leiden.

 

 

1950 – 1960

Na de woelige veertiger jaren groeide onze jeugdafdeling gestadig. Waren er in 1952 nog 41 jeugdspelers, verdeeld over drie jeugdelftallen met in totaal acht jeugdleiders.

In 1952 maakte de vereniging haar eerste buitenlandse reis naar Babenhausen in Duitsland.

In het jaar 1958 was Olympia al 68 jeugdspelers rijk, verdeeld over vijf elftallen met in totaal zeven jeugdleiders.

 

 

1960 – 1970

Olympia bleef het goed doen in de daarop volgende jaren. Alhoewel een kampioenschap uitbleef, bleef men volhouden. Uiteindelijk kwam de beloning.
Aan het einde van het seizoen 1961/’62 volgde alsnog een kampioenschap.
Denken wij eens terug aan die glorieuze intocht op die onvergetelijke zaterdag 10 juni 1962. De daverende ovaties op het R.K.B.S.V.-terrein te Brunssum zonken in het niet bij de hulde van de gehele Schinveldse bevolking op het Wilhelminaplein. Voorafgegaan door een motorescorte van de politie traden de Olympianen aan. Het was een prachtig feest. De promotie naar de 3e klasse K.N.V.B. was dit dan ook waard.

Ook mogen we niet vergeten dat we in 1962, dank zij grote hulp van de toenmalige burgemeester Adams, en vooral door eigen werkzaamheden ons huidige fraaie sportpark gerealiseerd werd. Wie herinnert zich niet het oude kleedlokaal en later de oude kantine ?

De eerste wedstrijd in de 3e klasse werd dan ook gespeeld in het fraaie en geheel nieuwe Burgemeester Adamssportpark.
Met moeite konden onze jongens zich in het eerste jaar in de 3e klasse handhaven. Na enkele jaren vechten om het behoud van een plaats in de 3e klasse volgde in 1964, na een zware competitie waarin daadwerkelijk alles tegenzat, weer een degradatie naar de 4e klasse K.N.V.B.. De “helden van toen” waren moe gestreden en Vrouwe Fortuna had haar aanlokkelijk gelaat van ons afgekeerd. Toch bleven vele trouwe supporters de grasvlakte aan de Mariabergstraat omzomen, ook al volgde in 1965 weer een degradatie naar de onderafdeling (1e klasse Afdeling Limburg).

In 1964 werd de afdeling veteranen opgericht. Nog steeds spelen zij hun “competitie” op een van de velden van Olympia.

Ook in de zestiger jaren groeide onze jeugdafdeling enorm. Op 1 juni 1965 bedroeg het leden aantal 100, verdeeld over 25 A-spelers, 29 B-spelers en 46 C/P-spelers.
Het aantal jeugdleiders bedroeg 10 en dat waren:
Wiel Benders (voorzitter), Herman Valkenberg (secretaris), Jan Palmen (Penningmeester), Anton Hanssen, Jan Vijen, Jan Hanssen, Hub Valkenberg, Karel Raes, André Reijnders en Jo Senden.

In 1966 vierde onze vereniging in zijn geheel haar 25 jarig bestaan met een groots feest waarbij vooral de jeugd niet vergeten werd.
Na 1966 kwam de jeugdafdeling tot grote bloei. Het aantal jeugdleden groeide tot 130, vooral jeugdleden van 8 tot 12 jaar (pupillen), zodat men met 3 pupillen elftallen aan de competitie kon deelnemen. In de jeugdcompetities kwam men uit met 9 jeugdelftallen, begeleid door 16 jeugdleiders.

In 1968 kreeg Olympia een beschermheer in de persoon van drs. J.J.H. Hermans, huisarts te Schinveld. Nimmer deed men ook op hem een vergeefs beroep, zowel in goede als in slechte tijden.

De jaren ’70 kwamen in zicht, maar eerst werd nog een nieuw bestuur gekozen. Voorzitter werd W. Benders, secretaris L. Benders, penningmeester K. Raes.
Ook won ons B1 in 1969 het polio-toernooi op het E.H.C.-terrein en werden onze allerkleinsten, ons P3 kampioen en wel ongeslagen.
Dat waren:
Robby Ruhulissen, Henk Veltrop, Guus Kuypers, Johnny Haest, Jos Joosten, Arno Ariessen, Willy Rutten, Piet v/d Heuvel, Harry Scholtes, Theo Gelissen, Marcel Duysens, Jos Koolen, Jan Willems. Giovanni Sloen, Jos Meertens.
1970 – 1980

Nadat in de zeventiger jaren der vorige eeuw Pim Mulier het voetbalspel via Haarlem naar Nederland had geintroduceerd groeide de belangstelling voor deze sport gestadig.

In de zeventiger jaren maakte onze jeugdafdeling een geweldige vlucht. Niet alleen de groei maar ook de prestaties waren niet van de lucht. Met 150 jeugdleden en meer dan 20 jeugdleiders groeide onze jeugdafdeling uit tot de grootste van Schinveld.
Onder leiding van de voorzitter W. Benders, L. Benders, J. Palmen, Th. Beumers, Jac. Joosten en tenslotte Anton Hanssen rezen de kampioenschappen en toernooioverwinningen als paddestoelen uit de grond.

Na negen jaar Onderafdeling werd het seizoen 1974/’75 weer een gloriepunt in de toch al rijke voetbalhistorie. Dit seizoen was een seizoen van kampioenen
Het 1e elftal werd prachtig kampioen en onder leiding van de toenmalige trainer Hein Halmans werd wederom het voetbalwalhalla bereikt.
Schinveld had weer zijn 4e klasser. Ook het 2e en 4e elftal bleven niet achter. Ook zij traden dat seizoen uit de anonimiteit van het dagelijkse voetballeven. Een ongekend jaar van voetbalgenot.

In het seizoen 1975/’76 streed men boven in de 4e klasse mee, maar men moest toch nog wachten tot het seizoen 1977/’78.
Onder leiding van trainer M. Molnar ging de kampioensvlag opnieuw in de top. De 3e klasse K.N.V.B. was opnieuw bereikt. Schinveld was weer een 3e klasser rijk: Het ideaal van bestuur, trainer, voetballers en supporters.
Daar het 2e elftal ondertussen weer was gedegradeerd naar de 2e klasse Onderafdeling wist men dit verloren terrein weer goed te maken in het seizoen 1977/’78. Wederom was er promotie te vieren naar de 1e klasse Onderafdeling.
De daarop volgende seizoenen konden zowel het 1e als het 2e elftal goed meedraaien in respectievelijk de 3e klasse K.N.V.B. en de 1e klasse Onderafdeling.
Echter, in het robijnen jubileumjaar degradeerden beide elftallen. Toch was er dat seizoen nog één troost, het 4e elftal van Olympia werd wel kamioen.

In de jaren ’76, ’77 en ’78 won Schinveld E1 (voorheen P-elftal) de K.N.V.B.-kringbeker, de zg. “Hub Leunissen beker” en kwam zodoende voor vast in ons bezit.
Nadat Schuutersveld in 1979 Schinveld E1 in de bekerfinale versloeg, herhaalde ons E1 dit huzarenstukje en won in 1980, ’81 en ’82 het K.N.V.B.-kringbeker toernooi en kwam voor de tweede maal in het bezit van de K.N.V.B.-kringbeker, geschonken door de gemeente Brunssum.
1980 – 1990

De moeilijke tachtiger jaren braken aan. Jaren van bezuinigen waaraan ook onze jeugd niet viel te ontkomen.
Met de komst van de tachtiger jaren werd Jos Hanssen als voorzitter gekozen.
De vele contacten in binnen- en buitenland, zoals met Würzburg, Erkelenz, Krefeld (Duitsland), Nunhem, Rheden en vele anderen, werden in de tachtiger jaren uitgebreid met bezoeken aan Unterbalbach, Föhren-Trier (Duitsland), Epen, Lierop. Dagtrippen werden ondernomen naar Tüddern (Duitsland), Rotterdam en Valkenburg.
Het aantal jeugdspelers echter liep langzaam terug, hoofdzakelijk door het feit dat andere sporten in onze nabijheid te beoefenen waren en vooral de zaalsporten. Maar met onze 120 jeugdleden, oftewel acht jeugdelftallen en meer dan 20 jeugdleiders zaten wij nog steeds bij het topje van het ijsberg.

In het seizoen 1982-1983 ontstonden er enige problemen tussen het bestuur enerzijds en een aantal spelers van het 1e elftal anderzijds, hetgeen tot gevolg had dat een aantal spelers hun heil ergens anders gingen zoeken. Zij werden vrijwel zonder uitzondering lid van het Duitse Hastenrath. De net nieuwe trainer Leo Kaanen zag zich meteen voor een groot probleem gesteld. Intussen legde vrijwel het gehele bestuur tijdens de jaarvergadering van augustus 1983 het bijltje er bij neer. Het nieuwe bestuur, onder leiding van voorzitter Henk Evers, gaf de trainer de opdracht een elftal samen te stellen waarin spelers van het 2e en 3e alsmede jeugdspelers hun opwachting dienden te maken. Na twee seizoenen ploeteren en hard werken onder leiding van Leo Kaanen bleef ons 1e elftal behouden voor de 4e klasse KNVB.
Henk Evers, voor velen op dat moment een onbekende, bracht Olympia tot rust en opnieuw werd er hard gewerkt aan de wederopbouw.

Ook bij Olympia deden de dames hun intrede. In 1984 werd voor het eerst in de historie met een dameselftal aan de competitie deelgenomen.

Nadat ook Henk Evers te kennen had gegeven de voorzittershamer neer te leggen, werd hij tijdens de jaarvergadering van september 1986 opgevolgd door Frank Frederix.

Per 15 februari 1988 werd trainer Henk Ummels, die overigens voor de tweede keer bij Olympia werkzaam was, na onoplosbare problemen op non-actief gesteld door het bestuur. Voor de periode februari-mei 1988 werd in de persoon van Jan Salden een opvolger gevonden, doch ook hij kon Olympia niet behoeden voor een degradatie naar, alweer, de Onderafdeling.

Bestuurlijk gezien hadden we in de periode van september 1988 tot en met maart 1989 geen voorzitter. Na het stoppen van Frank Frederix nam Ger Bosch als vice-voorzitter zijn functie waar. In maart 1989 werd tijdens de ledenvergadering Fon Vaessen tot nieuwe voorzitter van Olympia gekozen. Hij was geen onbekende binnen Olympia daar hij als voetballer en penningmeester zijn sporen reeds had verdiend.
Voor het seizoen 1988-1989 had het bestuur in december 1987 reeds een nieuwe trainer gecontracteerd in de persoon van Ben Pijpers uit Geleen. Ook hij bleef twee seizoenen verbonden aan Olympia. Met ingang van het seizoen 1990-1991 wisselde hij van Olympia naar Abdissenbosch.
Toen Ben Pijpers reeds in december 1989 te kennen had gegeven zijn contract bij Olympia niet te willen verlengen, ging het bestuur onder leiding van de net een half jaar in functie zijnde nieuwe voorzitter Fon Vaessen op zoek naar een nieuwe trainer voor Olympia.
1990 – 2000

Deze werd gevonden in de persoon van Winand Kohl uit Vaesrade. Na enkele gesprekken werd hij bereid gevonden met ingang van het seizoen 1990-1991 de trainingen en wedstrijdbegeleidingen bij Olympia waar te nemen.
Reeds in zijn eerste trainersjaar bij Olympia en in het gouden jubileumjaar van Olympia promoveerde het 1e elftal van de Onderafdeling naar de 4e klasse KNVB, dit na een 1-1 gelijk spel op eigen terrein tegen RKTSV. In datzelfde seizoen werden het 2e en 3e elftal kampioen in hun klasse.
In februari 1991 telt de afdeling jeugd een totaal aantal jeugdspelers van 125, één gediplomeerde jeugdtrainer en 19 jeugdleiders waarvan ook velen gediplomeerd.

Ook aan de voorzittersperiode van Fon Vaessen kwam een einde. In augustus 1991 diende hij vanwege zijn werkzaamheden te verhuizen naar Zaandam.
Wederom zou Olympia zonder voorzitter komen te zitten. Bestuurslid Jos Senden werd door het dagelijks bestuur benaderd om zich kandidaat te stellen voor de functie van voorzitter. Na enkele diepgaande gesprekken besloot hij zich in september 1991 kandidaat te stellen als voorzitter van Olympia. Tijdens de jaarvergadering werd hij dan ook met algemene stemmen als 17e voorzitter van Olympia gekozen.

Na een korte inwerkperiode ging onder zijn leiding het roer bij Olympia volledig om. Er werd drastisch bezuinigd en als voormalig bestuurslid sponsorzaken werd ook hier hard gewerkt aan het opzetten van een grote en vaste groep betrouwbare sponsors. Diverse, tot dan toe onbekende, activiteiten werden op touw gezet en diverse commissies werden opgericht en aan het werk gezet, ieder op hun eigen verantwoordelijk gebied. Zo werden in “no time” de commissies “activiteiten” en “accommodatiebeheer” opgericht die, onder leiding van een bestuurslid, hard aan het werk gingen.

Jongens en momenteel ook meisjes vanaf de eerste jaren van de basisschool, verdedigen iedere zaterdag de rood-witte kleuren van Olympia. Veel gediplomeerde jeugdleiders zijn wekelijks in touw om het jeugdige element van de vereniging te scholen en te vormen. Met niet aflatende ijver worden elftallen gecoached en getraind.
Soms wemelt het op de terreinen van Olympia van zich uitlevende jeugd. Een kostbaar goed, dat veel aandacht en waardering verdient. De tijden zijn veranderd. Dat is maar goed ook. Trainers, verzorgers en jeugdleiders krijgen thans opleidingen die, anders dan vroeger, ook gericht zijn op het geestelijk en lichamelijk welzijn van de sporter. Op dit gebied is door de jaren heen heel wat veranderd. De oudere leden onder ons denken nog wel eens terug aan de tijd dat men zich buiten meost wassen met een kom koud water.

De huidige generatie kan zich omkleden in warme kleedlokalen met warme douches en zich in een verwarmd lokaal laten verzorgen door een verzorger/masseur. En dan niet te vergeten de kantine. Daar kan men het voetballatijn kwijt. Daar worden sterke verhalen van weleer verteld en ook daar klopt het hart van menig elftal.

25 mei 1996 is het precies 55 jaar geleden dat ons aller Olympia het levenslicht mocht aanschouwen. “Olympia”, een begrip in onze gemeenschap Schinveld. Nog vers in het geheugen ligt het 50 jarig jubileum. Toen een een tentfeest op het oefenterrein in het Burgemeester Adamssportpark.

 

2000 – 2010

Het oude spreekwoord “Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst.”, geldt ook bij Olympia nog steeds.

En dan als laatste de ouders, onze supporters. Menige vereniging is blij wanneer Olympia op bezoek komt. De altijd grote supporterschare bij uitwedstrijden, normaliter in grote getale aanwezig dan de supporters van de tegenstander. Onze supporters trotseren weer en wind. Men staat als één blok achter de jeugd van Olympia, in vóór en tegenspoed. In rood en wit.

 

“Moge derhalve het Olympia van vandaag,
morgen zijn,
zoals het gisteren was.”

hoofdsponsoren